In China weet niemand meer hoe corona uit te bannen zonder de economie te schaden

Coronabeleid China In China wordt steeds openlijker geprotesteerd tegen het coronabeleid. De overheid maakt een zwalkende indruk.

Beelden uit video’s laten zien hoe werknemers van de Foxconn-fabriek in Zhengzhou in botsing kwamen met ordebewakers. De arbeiders protesteerden tegen de leefomstandigheden in het vanwege corona afgesloten complex en uitten hun onvrede over uitblijvende betaling.
Beelden uit video’s laten zien hoe werknemers van de Foxconn-fabriek in Zhengzhou in botsing kwamen met ordebewakers. De arbeiders protesteerden tegen de leefomstandigheden in het vanwege corona afgesloten complex en uitten hun onvrede over uitblijvende betaling. Beelden Reuters, AFP

Honderden arbeiders van de Foxconn-fabriek in Zhengzhou braken donderdagnacht door de hekken van hun fabriek naar buiten en sloegen zo ook een nieuwe barst in het Chinese coronabeleid. Ze raakten slaags met mensen in witte pakken die daar juist stonden om af te dwingen dat ze binnen hun ‘gesloten lus’ zouden blijven.

Bij zo’n gesloten lus mogen arbeiders het fabrieksterrein niet af. Het systeem wordt in China veel gebruikt als er in een gebied corona is: ook Shanghai hanteerde het tijdens de twee maanden durende lockdown afgelopen voorjaar. Zo kan de productie doordraaien en wordt de economie zo weinig mogelijk geschaad. Het is bedoeld om corona buiten de fabriek te houden.

Maar het wordt een probleem als er in een fabriek zelf toch corona uitbreekt. De ongeveer 200.000 arbeiders van Foxconn, dat in Zhengzhou zo’n 70 procent van alle iPhones ter wereld in elkaar zet, wonen dicht op elkaar in slaapzalen, ze eten gezamenlijk in kantines en ze werken naast elkaar in assemblagehallen. Als sommige arbeiders corona krijgen, dan is de ziekte moeilijk te bedwingen, ook omdat de faciliteiten voor isolatie te wensen over laten.

Lees ook Gratis eten langs de weg voor vluchtende iPhone-makers uit Chinees coronagebied

Dat bleek al eerder een probleem bij Foxconn. Arbeiders liepen eind oktober massaal weg uit de fabriek. Ze vertelden toen dat besmette en niet besmette mensen niet goed van elkaar gescheiden werden, zodat de ziekte om zich heen kon grijpen.

Foxconn sprak dat tegen, en begon met het werven van nieuwe arbeiders om de weggelopen mensen te vervangen. Ze werden gelokt met het vooruitzicht op betere lonen en hogere bonussen. Zo’n bonus is een belangrijk deel van het salaris, en wordt vaak pas uitgekeerd als de arbeiders ergens minstens een paar maanden blijven werken.

Toen de nieuwe arbeiders merkten dat er met hun arbeidsvoorwaarden en betalingen werd gesjoemeld, kwamen ook zij in opstand. Het ging ze niet alleen om geld. Ze waren ook kwaad omdat ze toch moesten werken met collega’s die corona hadden of eerder hadden gehad: er was ze juist verzekerd dat dat absoluut niet zou gebeuren.

Donderdag bood Foxconn excuses aan voor de vertraagde betalingen, die volgens het bedrijf te wijten is aan een „technische fout”.

Nieuwe lockdown

De angst voor corona zit er bij de meeste mensen in China goed in. De overheid vertelt vrijwel nooit dat het risico om ernstig ziek te worden van Omikron veel lager is dan van eerdere varianten. Een besmetting betekent bovendien meteen verplichte opname in een ziekenhuis of isolatiefaciliteit, of je je nu ziek voelt of niet.

Ondanks de onvrede werd donderdag aangekondigd dat grote delen van Zhengzhou opnieuw in lockdown gaan vanwege corona. Zo’n zes miljoen inwoners, vooral in het centrum van de stad, mogen vanaf vrijdag ten minste vijf dagen hun huis niet verlaten. Het deel van de stad waarin de Foxconn-fabrieken liggen, was al in lockdown.

Een afzetting bij een woonbuurt in Beijing die vanwege corona in quarantaine is geplaatst. De stad is een gatenkaas van mini-lockdowns geworden. Foto Noel Celis/AFP

Ook elders in China groeit het verzet tegen gedwongen opsluiting. In het Zuid-Chinese Guangzhou braken bewoners eerder deze maand met geweld door de plastic afschutting van de wijk waar ze woonden, en waar ze in lockdown zaten. Dat soort beelden wordt op de sociale media vrijwel meteen gecensureerd.

De overheid maakt steeds meer een zwalkende indruk. Niemand lijkt nog te weten hoe je de economie aan de gang kunt houden en tegelijkertijd corona volledig kunt uitroeien. Maar dat is wel de tegenstrijdige opdracht van de centrale overheid.

Eerder deze maand kwam de overheid met twintig aanpassingen op de bestaande coronaregels. Dat was een versoepeling: zo moest er niet langer onnodig getest worden, mensen hoefden minder lang in quarantaine en de lockdowns moesten zo klein en specifiek mogelijk gehouden worden. Niet meer hele wijken of steden moesten dicht, maar alleen specifieke gebouwen en winkels.

Bewoners van Shijiazhuang waren bang dat ze als proefkonijn gebruikt werden om te zien wat er zou gebeuren als de maatregelen tegen corona helemaal zouden worden losgelaten

In Shijiazhuang, een stad niet ver van Beijing, hoefde zelfs niemand meer te testen op corona, en werden gezondheidscodes niet meer gecontroleerd. De bevolking vertrouwde het niet: die was bang dat ze als proefkonijn gebruikt werden om te zien wat er zou gebeuren als de maatregelen tegen corona helemaal zouden worden losgelaten. Na de protesten maakte Shijiazhuang excuses en draaide het beleid weer terug.

In Beijing leidde de beleidswijziging ertoe dat heel veel teststations sloten. Maar omdat het een van de steden is waar de ziekte momenteel het snelst om zich heen grijpt, is het wel verplicht om je minimaal om de dag te laten testen. Het leidt tot lange wachtrijen en veel irritatie onder de bevolking.

Ook is de stad een gatenkaas van steeds meer mini-lockdowns geworden: bij elkaar zijn er zeker 300 gebouwen waar mensen niet meer uit mogen. Iedereen wordt afgeraden nog de straat op te gaan of naar het werk te gaan, scholen, winkels en sportgelegenheden zijn dicht. Het is doodstil op straat, maar absoluut verboden om naar buiten te gaan is het niet.

Zorgmedewerkers met testmateriaal in Beijing. In de Chinese hoofdstad is het verplicht om minimaal om de dag een coronatest te doen, wat leidt tot lange wachtrijen en veel irritatie onder de bevolking. Foto Jade Gao/AFP

Lage vaccinatiegraad

Dat de Chinese overheid de boel niet gewoon op zijn beloop wil laten en niet van het zero-Covidbeleid wil afstappen, heeft niet alleen politieke redenen. De vaccinatiegraad onder ouderen is nog steeds zorgwekkend laag: Op 11 november was volgens overheidscijfers weliswaar meer dan 90 procent van de Chinese bevolking gevaccineerd, maar van de mensen boven de tachtig was dat maar 65,7 procent. En nog veel minder van hen hebben ook een derde boostershot gekregen: in maart van dit jaar was dat nog geen 20 procent.

Als veel mensen ziek worden, dan kan vooral de gezondheidszorg op het platteland dat onmogelijk aan. Meer ouderen vaccineren dus, zou je denken. Maar zo makkelijk is dat niet: ouderen werden aanvankelijk juist gewaarschuwd tegen de vaccins. Het zou gevaarlijk zijn om je te vaccineren als je onderliggende chronische ziekten had.

Dat beeld is blijven hangen. Ouderen zijn ook veel moeilijker dan werkenden te dwingen tot vaccinatie: ze hebben geen werkgever meer die het van ze kan eisen en ook andere instanties aarzelen om dwang uit te oefenen op deze groep.

De last van het zero-Covidbeleid wordt voor veel armere overheden onmogelijk om te dragen: het vele testen is te duur. Veel bedrijven die in de test-business zijn gestapt in de hoop op snelle winsten, zitten nu met onbetaalde rekeningen.

Maar het ergste is: het lijkt niet meer te lukken om corona in bedwang te houden. China zit ondanks alle maatregelen middenin de zwaarste coronagolf sinds het begin van de uitbraak in Wuhan eind 2019. Het ging woensdag om 31.000 nieuwe gevallen per dag. Verreweg de meeste gevallen zijn asymptomatisch.