Merijn Scholten: „Ik snap dat mensen wat ik maak typetjes noemen. Maar ik wil dat het karakters worden, echte mensen. Het verschil zit in de levensechtheid. Je moet het idee hebben dat je met zo’n figuur een gesprek zou kunnen voeren.”

Foto Roger Cremers

Interview

Cabaretier en instagram-fenomeen Merijn Scholten: ‘Je innerlijke hufter toelaten is heerlijk’

Merijn Scholten Net als voorheen bij De Partizanen speelt cabaretier Merijn Scholten in zijn solodebuut een reeks absurde personages. „Het zijn vaak eenzame figuren, met weinig gevoel voor introspectie. Maar ik voel een groot mededogen voor ze.”

Merijn Scholten speelt dit seizoen voor het eerst in zijn eentje een voorstelling, onder de titel Team Solo. Na jaren met het duo De Partizanen wilde hij wel eens wat anders dan sketches bedenken voor twee mensen. „Bij het schrijven voor een duo verval je in bepaalde patronen en rollen. Het zijn toch steeds die twee mannetjes. Het is een leuke vorm, maar daar wilde ik uit. Ik had het gevoel dat ik niet gelukkig zou worden als ik zou doorgaan.”

De opheffing van De Partizanen was een opmerkelijke stap, want de twee konden vanaf de start rekenen op juichende kritieken en een enthousiast publiek. Het duo won in 2013 het Leids Cabaret Festival, kreeg voor het eerste programma de Neerlands Hoop en in de derde en laatste voorstelling, Het leven an sich (2019), waren ze op hun best: puntig, doordacht en geestig.

In een café in Amsterdam-Oost weegt de 38-jarige Scholten bij een muntthee zijn woorden. Op het podium is hij een beweeglijke, rap sprekende comedian, maar daarbuiten blijkt hij bij momenten even goed een overmatig zelfbewust spreker, die zichzelf voortdurend corrigeert en zich hardop kan afvragen of het zo bijzonder is wat hij zegt.

Scholten was als medewerker van de satirische programma’s Dit was het nieuws en Spijkers met Koppen een geoefend tekstschrijver. Ook bij De Partizanen was hij de auteur. „Op een gegeven moment kwamen we er samen op uit dat ik de teksten zou schrijven.” Zo schreef hij ook Het leven an sich. „Waarna Thomas, en Floris van Delft, de regisseur, nog veel bijdroegen en aan de scènes vijlden en sleutelden. Van die dynamiek tussen ons werd het beter. Uiteindelijk maakten we de voorstelling samen.” Maar als je alle teksten schrijft en de blauwdruk voor een programma levert, dan kun je het ook alleen, concludeerde hij.

Op eigen kracht is hij inmiddels een Instagram-fenomeen, die met satirische filmpjes van een minuut, waarin hij malle mannetjes vertolkt, in korte tijd ruim honderdduizend volgers heeft vergaard. Ook in Team Solo speelt hij vergelijkbare, en een paar dezelfde, absurde en groteske types: onder meer een opgefokte radio-dj, een man met fascinatie voor het nautische, een nuchtere Groninger en een influencer. Het zijn figuren die vooral met zichzelf in de knoop zitten en even tragisch als lachwekkend zijn. Ze hebben allemaal een eigen stem of accent. De aanpak is vergelijkbaar met die van De Partizanen, die ook herkenbare personages speelden.

Vanwaar de keuze om nu niet alsnog als jezelf op het podium te staan?

„Ik heb het wel geprobeerd, bij comedy-theater Toomler. De ene keer begon ik als mezelf, de andere keer als een karakter. Om te zien waar ik het meest plezier en energie uithaalde en om te onderzoeken hoe ik mezelf het best kon uiten. Het karakter waar ik de voorstelling mee begin, de influencer, die ook op Instagram terecht is gekomen, ontstond in Toomler. Daar had ik zoveel lol in dat ik dacht: dit is het. Andere personages spelen creëert een rijkdom aan mogelijkheden.”

Waarom lukt dat niet als jezelf?

„Ik kan het wel, stand-uppen, want ik ben ooit aangenomen als gewone stand-upper bij de Comedytrain. Maar ik merkte dat ik me te verontschuldigend en te introvert opstelde. En in al die karakters zit ik wel degelijk zelf. Het zijn allemaal afsplitsingen van mij.

„Sommige cabaretiers zijn briljant als zichzelf, maar vaak denk ik dan toch: nu kijk ik naar een typetje, maar dan negentig minuten lang naar één typetje, het typetje dat iemand van zichzelf heeft gemaakt.”

Hoe kom je tot een type, tot een stem?

„Het begint met de stem. Dan komen de woorden automatisch. Daar denk ik niet over na. Die woorden komen vanzelf op. Het is bijna nooit dat ik iemand hoor praten en dan denk dat kan ik gebruiken. Het ontstaat zoals een grap ontstaat, uit de prut die in je hersens rondgaat.”

Neem die wat vrouwelijke man, een ex-verpleger, die flitsbezorger wordt. Hoe kwam je tot hem?

„Die is toevallig wel enigszins gebaseerd op iemand die ik ken. Vervolgens heb ik een beeld van wat voor soort iemand dat is. Het is iemand die uitdraagt dat we ons wel redden, maar tegelijk druipt de tragiek ervan af. Hij laat over zich heen lopen. Een lief iemand die verzuipt in de moderne tijd. Hij zet zijn beste beentje voor. ‘Kerst in mijn eentje? Dan hang ik tóch slingers op.’ Ik en mezelf: team solo.”

De stem van de corpsbal, het Zuidas-type, mannen die erg tevreden zijn over zichzelf: dat ligt je goed. Hoe komt dat?

„Je innerlijke hufter toelaten is heerlijk. Ik heb ook veel van dat soort types gezien. Als student zat ik bij Albertus, in Groningen. Geen corps, maar bijna. Daar heb ik mijn ogen uitgekeken. En ik woon in Amsterdam en de geldwereld is in deze stad dominant.

„In veel van de types die ik speel zit een vorm van kritiek besloten. Eigenlijk in alles wat ik doe. Tegelijk is het fijn als mensen er sowieso om kunnen lachen – zonder na te denken over wat ik er precies mee wil zeggen.”

Wat hebben de personages die je speelt gemeen?

„De figuren die ik schets zijn vaak eenzame figuren. Ze zijn als het ware samen met zichzelf. De maatschappij bestaat volgens mij voor een groot deel uit eenzame mensen, die samen wel degelijk een geheel vormen.

„Een aantal van deze figuren zijn ontstaan in coronatijd, zoals de influencer en de Groninger. Ik begon met het filmen van mezelf: een solitaire bezigheid in een periode dat we allemaal van elkaar gescheiden waren. De term ‘team solo’ komt ook zeker daar vandaan.

„Ik snap dat mensen wat ik maak typetjes noemen. Maar ik wil dat het karakters worden, echte mensen. Het verschil zit in de levensechtheid. Je moet het idee hebben dat je met zo’n figuur een gesprek zou kunnen voeren.”

Foto Roger Cremers

Wat dreef je om die filmpjes te maken?

„Het theater was dicht en ik had zin om iets te doen. Ik dacht: ik begin voor mezelf, ik geef iets op (een succesvol duo) en dan is het leuk als ik solo ook mensen bereik. Ik zat niet op Instagram voor ik met filmpjes begon. Maar ik raakte gefascineerd en het is verschrikkelijke heroïne.”

Dat je een jaartje kunstmatige intelligentie studeerde, keert terug in de voorstelling. Waarom?

„Ik was echt een computernerd, die comfort en veiligheid vond achter zijn laptop op zijn kamer. Dat kan ik verbinden aan het feit dat de wereld nu geregeerd wordt door vergelijkbare jongens en meisjes, die iedereen veiligheid en onderdak willen bieden in computersystemen. Met als ironisch gegeven dat ik zelf via Instagram mijn publiek vind.”

Wat deed je als computernerd?

„Ik programmeerde zelf, bouwde computers. Video editen en digitaal muziek maken doe ik nog steeds. De liedjes en de muziek in de show maak ik zelf. Muziek maken is wat ik tot in de laatste uurtjes doe.”

In een monoloog die serieuzer van toon is, laat je je kritisch uit over sociale media en de neiging online te leven. Een ‘hongerstaking van de geest’ noem je dat. Waarom wil je dat kwijt?

„Ik wist: ik wil ideeën en mensen bij elkaar zetten en proberen daar één samenhangende wereld van te bouwen. Als columnist bij Spijkers met Koppen gaf ik mijn kijk op de wereld en dat wil ik in deze voorstelling ook. Het absurdisme en de maatschappelijke opvattingen moeten op elkaar inwerken en een geheel worden. Dat is mijn zoektocht. Die monoloog heeft wat meer melancholie in zich dan de andere scènes. Ik ben zelf melancholiek ingesteld en het is fijn om die kleur erin te hebben.”

Is het een statement over de moderne tijd?

„Er spreekt onbehagen uit over hoe de wereld geworden is. Alles is meetbaar geworden, we zitten vast in systemen, waardoor je je afvraagt hoeveel vrijheid je nog hebt.”

Hij onderbreekt zichzelf en zegt: „Het probleem is dat ik mezelf hoor oreren.” Monter: „Maar goed, ik praat door. Wat ik bedoel: ga je naar een restaurant omdat het een 8 in een recensie heeft gekregen of ga je erheen omdat je er een keer langsliep terwijl de zon mooi scheen, de bomen in bloei stonden en de plek je een goed gevoel gaf? Ik heb soms het idee dat mensen willen leven binnen een bepaalde bandbreedte, waarin alles wordt verondersteld ‘goed’ te zijn. Maar als het leven foutloos en voorspelbaar moet zijn, gaan het gevoel voor avontuur en de lol van mislukken verloren.”

Je ‘regie-adviseur’ Micha Wertheim zei dat de voorstelling als het ware een lange sketch moet worden. Jij noemt het één wereld. In wat voor wereld zijn we bij jou?

„Een wereld in verval. Je kan hem dystopisch noemen. Je ziet mensen met weinig gevoel voor introspectie. Maar voor mij is het tegelijk een wereld met liefde en mededogen voor die mensen. Ik zie ze en denk: jij bent ook maar zo geworden door hoe jouw leven is gelopen. Iemand van twintig die zichzelf filmt probeert ook maar te overleven in zijn wereld.”

Hoe maak je dat grappig?

„Dat gaat indirect. Ik luister, observeer. Later komt er een laag bij: de ironie. De voorstelling is wat eruit komt als ik de wereld een tijd observeer.”

Wat is ironie voor jou?

„Een vorm van opluchting. Mensen zeggen dat ironie buitensluit, maar het verbindt ook mensen. Door Jiskefet heb ik me vroeger enorm begrepen gevoeld. Als ik daarnaar keek, maakte mij dat heel gelukkig. Omdat ik dacht: er zijn dus andere mensen die het ook zien. Die zien hoe gestoord alles is wat mensen maar normaal vinden. Dat is troostend aan humor, aan ironie.”

Voor cabaretprijs De Poelifinario moet een cabaretier een categorie kiezen. Wat wordt het: entertainment of engagement?

„Moeten kiezen is bizar. Ik wil graag mensen hard laten lachen, entertaining zijn. Maar ik kies toch engagement. Omdat het een kijkrichting aangeeft bij wat ik maak. Je kan lachen en dan achteraf thuis nog eens nagaan wat er aan ideeën over de mensheid is langsgekomen.”

Merijn Scholten: Team Solo. Première 23/11, Kleine Komedie, Amsterdam. Tournee t/m eind 2023. Inl: merijnscholten.nl