Kabinet komt met uitkoopbod voor veel meer piekbelasters

Kabinetsplan stikstof Het kabinet wil enkele duizenden piekbelasters uitkopen met een ‘ruimhartige vergoeding’. Uiteindelijk kan dwang volgen.

Het kabinet komt vrijdag met nieuwe voorstellen voor twee- tot drieduizend bedrijven die veel stikstof uitstoten.
Het kabinet komt vrijdag met nieuwe voorstellen voor twee- tot drieduizend bedrijven die veel stikstof uitstoten. Foto ANP

Een eenmalig uitkoopbod dat te aantrekkelijk is om te weigeren – en anders kan dwang volgen. Zó hoopt het kabinet voor het eind van 2023 twee- tot drieduizend bedrijven die veel stikstof uitstoten te verleiden te stoppen. Deze bedrijven krijgen een ruimhartige compensatie aangeboden, oplopend tot mogelijk 120 procent van hun bedrijfswaarde.

Met deze plannen om uit de stikstofcrisis te komen wil het kabinet vrijdag na de ministerraad komen, volgens bronnen van NRC. Dat is nodig om de natuur te herstellen en vergunningen te kunnen verlenen voor bouw, boeren, industrie en verkeer.

Opvallend is dat het kabinet een veel grotere groep ‘piekbelasters’ wil doen stoppen dan bemiddelaar Johan Remkes, die begin oktober met zijn rapport kwam. Remkes adviseerde om binnen één jaar 500 tot 600 vervuilers dicht bij natuurgebieden uit te kopen, zowel boeren als industrie. Het kabinet noemde dat voorstel van Remkes later „ambitieus” en vroeg zich af of het wel haalbaar was in korte tijd.

Het kabinet kiest er nu niet voor om een dergelijke top-500 of top-600 van piekbelasters samen te stellen. Dat ligt hypergevoelig in de politiek en de agrarische sector, sinds er ophef is ontstaan over vermeende ‘adressenlijsten’ van piekbelasters en het RIVM fouten heeft gemaakt bij de inventarisatie van vervuilers.

Allergrootste vervuilers

In plaats daarvan wil het kabinet criteria opstellen voor een ruimere groep boeren en bedrijven die in aanmerking komen voor de gunstige uitkoopregeling. Het kabinet werpt als het ware een net uit en hoopt zo ook de allergrootste vervuilers eruit te vissen, maar die garantie is er niet.

De afgelopen decennia heeft het uitkoopbeleid van boeren sowieso weinig opgeleverd en tot nu toe wil het ook nog niet lukken. Om piekbelasters nu wel te verleiden om vrijwillig mee te werken aan stoppen, moet het kabinet de grenzen van Europse staatssteunregels opzoeken.

Het kabinet gaat nog voor het einde van het jaar vaststellen welke ondernemers tot deze grotere groep piekbelasters behoren. Zij kunnen met de provincies in overleg of zij de subsidie willen gebruiken om stikstofuitstoot terug te brengen tot bijna nul, hun bedrijf te verplaatsen of helemaal willen stoppen. Uiterlijk april volgend jaar moet de regeling worden geopend.

Eind 2023 wordt de balans van de regeling opgemaakt. Als blijkt dat er niet genoeg stikstofbesparing komt, kan het kabinet vanaf 2024 overgaan tot dwang.

De dwangmaatregelen kunnen bestaan uit zwaardere milieu-eisen bij stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden. Ook kan stikstofuitstoot veel zwaarder worden geprijsd dan nu het geval is. Onteigenen of het ontnemen van vergunningen wil het kabinet zo lang mogelijk voorkomen. Dat kan leiden tot slepende juridische procedures en het oplaaien van boerenprotesten.

Superplusregeling

De nu aangekondigde ‘superplusregeling’ heeft een sterk déjà-vugevoel. In maart van dit jaar kondigde minister Christianne van der Wal (Natuur en Stikstof, VVD) een „woest aantrekkelijke” uitkoopregeling aan. Wat blijkt: die regeling dreigt niet door te gaan, omdat deze mogelijk een vorm van ongeoorloofde staatssteun is.

De superplusregeling zou de staatssteuntoets wel doorstaan, omdat in de regeling expliciet wordt opgenomen dat boeren die meedoen niet elders een bedrijf kunnen beginnen. Dit voorkomt dat zij hun royale vergoeding meenemen naar het buitenland en daar een nieuw bedrijf opstarten.

De stikstofruimte die vrijkomt bij het uitkopen van piekbelasters, wordt volgens het kabinet op dit moment hoofdzakelijk ingezet om de natuur te verbeteren en boeren te legaliseren die door toedoen van de overheid sinds 2019 zonder stikstofvergunning werken en nu juridisch klem zitten.

Er ligt extra druk op het kabinet om met een oplossing voor de korte termijn te komen sinds de Raad van State begin deze maand een streep zette door de ‘bouwvrijstelling’. Bouwbedrijven moeten sindsdien per project stikstofberekeningen maken om te kijken of een project niet schadelijk is voor nabijgelegen kwetsbare natuurgebieden.

Woningbouw

Het kabinet is wel bezig om te kijken of stikstofruimte van boeren en industriebedrijven die vrijwillig stoppen, alsnog gebruikt kan worden voor woningbouw. Ook onderzoekt het kabinet of uitzonderingen gemaakt kunnen worden voor bijzondere projecten, zoals de aanleg van windmolenparken, zonneparken en andere bronnen van duurzame energie. Verder wordt gekeken naar een uitzondering voor de Nederlandse strijdkrachten, zodat defensie militaire oefeningen kan blijven uitvoeren.

Het kabinet denkt ook aan iets opmerkelijks dat nog uitgewerkt moet worden: een rekenkundige ondergrens. Als een bouwproject onder die uitstootgrens zit, zou er geen vergunning nodig zijn. Juist dit soort generieke ‘geitenpaadjes’ werden begin deze maand nog door de Raad van State afgestraft met het schrappen van de bouwvrijstelling. Of dit voorstel juridisch houdbaar is, zal volgend jaar moeten blijken.