Uit de Westelijke Jordaanoever verdwenen werk van Banksy duikt op in Tel Aviv

Graffitikunst Een kritisch graffitikunstwerk van Banksy op de scheidsmuur in door Israël bezet Palestijns gebied verdween jaren geleden. Onlangs dook het op in een hippe kunstgalerie in Tel Aviv.
Het schilderij van de rat met katapult van Bansky.
Het schilderij van de rat met katapult van Bansky. Foto Oded Balilty/AP

Het was jaren zoek: een kritisch kunstwerk dat de beroemde graffitikunstenaar Banksy in 2007 aanbracht bij de afscheidingsmuur op de Westelijke Jordaanoever - en dat later werd beklad en weggehaald. Tot deze week, toen het ineens te zien was in een hippe kunstgalerie in hartje Tel Aviv. De vondst roept meer vragen op dan die beantwoordt.

Bansky tekende destijds een strijdbaar staande rat met een katapult in zijn pootjes, die hij op een betonblok plaatste naast de scheidsmuur in Bethlehem, op de door Israël bezette Westelijke Jordaanoever. Het kunstwerk is bedoeld als kritiek op de bezetting van Palestijnse gebieden door Israël en de omgang met Palestijnse burgers. Ratten komen veel voor in het dystopische oeuvre van Banksy, die ook andere kritische werken spoot in dezelfde wijk.

Na enige tijd kreeg het werk van Banksy te maken met rivaliserende graffiti - en sprayde iemand ‘RIP Bansky Rat’ over het katapultknaagdier heen. Later verwijderden onbekende mensen het stuk muur met het kunstwerk erop en sindsdien was onbekend waar het was.

De originele locatie van het verwijderde kunstwerk van Banksy in Bethlehem. Foto Nasser Nasser/AP

In Israël

„Dit is het verhaal van David en Goliath”, zei de Israëlische koper van het kunstwerk Koby Abergel tegen persbureau AP. Over wat bij met deze oudtestamentische analogie bedoelde wijdde hij verder niet uit. De gespoten tekst ‘RIP Banksy Rat’ is door een restaurateur van het werk verwijderd. Volgens de galeriehouder was het betonblok zo zwaar dat het met een kraan de expositieruimte in getild moest worden, waarna medewerkers het nauwelijks van zijn plek kregen.

De Israëlische kunsthandelaar Koby Abergel onthult het kunstwerk van Banksy in Tel Aviv. Foto Oded Balilty/AP

Abergel zei het graffitiwerk netjes op legale wijze te hebben aangekocht bij een Palestijnse zakenpartner in Bethlehem. Over wie deze verkoper was, welk bedrag met de deal gemoeid was en hoe het stuk beton van 400 kilo naar Tel Aviv - over de door Israël bewaakte grens - getransporteerd was repte Abergel met geen woord. Hij zegt het werk alleen te willen tentoonstellen, het is vooralsnog niet te koop.

Abergel toont op zijn telefoon een foto waarop te zien is hoe hij in Bethlehem het kunstwerk van Banksy bekeek. Foto Oded Balilty/AP

‘Diefstal’

Of de kunstaankoop werkelijk wettelijk in de haak was, is onzeker. Het Palestijnse ministerie van Toerisme liet tegenover persbureau AP de verplaatsing als „diefstal van het Palestijnse volk” te beschouwen. „Dit waren schilderijen [...] voor Bethlehem, voor Palestina. Dus ze vervoeren, aanpassen en tentoonstellen is zeker een illegale actie”. Een in 1954 bekrachtigd internationaal verdrag, ook door Israël ondertekend, gebiedt bezettende mogendheden om de verwijdering van kunst en cultuur uit bezette gebieden te voorkomen.

Bansky heeft nog niet op de actie gereageerd, maar volgens Abergel mag de Britse kunstenaar hem dankbaar zijn. „We hebben het [kunstwerk] naar het centrum van Tel Aviv gebracht, waar het publiek zijn boodschap kan zien”, aldus de kunsthandelaar. „Daar zou hij blij mee moeten zijn”.

Toeristen maken foto’s van een werk van Banksy in Bethlehem. Foto Nasser Nasser/AP