NAM-manager: schadeafhandeling was te groot voor ons

Johan de Haan, voormalig asset-manager van de NAM, tijdens de vierde dag van de openbare verhoren van de parlementaire enquêtecommissie aardgaswinning Groningen.
Johan de Haan, voormalig asset-manager van de NAM, tijdens de vierde dag van de openbare verhoren van de parlementaire enquêtecommissie aardgaswinning Groningen. Foto Lex van Lieshout/ANP

NAM-manager Johan de Haan zegt dat hij „het beste heeft gegeven wat hij had” om oplossingen te vinden voor de aardbevingsschade die in Groningen is veroorzaakt door de gaswinning. De Haan was donderdag de tweede die werd verhoord door de parlementaire enquêtecommissie. Hij erkende daarin onder meer dat de NAM de schadeafhandeling van de verzakte Groningse woningen beter eerder had kunnen uitbesteden, omdat dit „misschien wel te groot” was voor het bedrijf zelf.

De Haan, die van 2004 tot aan zijn pensioen in 2019 bij de NAM werkte, vertelt dat hij na de aardbeving in Huizinge, in 2012, door burgemeesters werd opgebeld omdat ze niet wisten wat ze aan moesten met de vele schademeldingen. Na eerdere, lichtere bevingen kwamen er ook wel meldingen, maar dat waren er honderd tot tweehonderd. Na Huizinge stond de teller al snel op 2.400 meldingen, en dat steeg door naar 9.500 meldingen in 2013 en 18.000 in 2014.

De NAM zette eerst enkele tientallen eigen mensen op de klus maar kwam al snel handen tekort, en had ook niet de benodigde expertise in huis. Dat was de reden dat in 2014 het Centrum Veilig Wonen werd opgericht, dat de schades moest opnemen en beoordelen. Als een schade werd beoordeelde als veroorzaakt door een aardbeving, moest de NAM die vergoeden. Hoewel het CVW ‘op afstand van de NAM’ zou opereren, zat de Haan naar eigen zeggen „regelmatig” aan tafel. Hij wees „op wat we van ze verwachtten en wat ze niet goed deden”, verklaarde hij daarover.

De parlementaire commissie hield hem voor dat het CVW steeds meer schades beoordeelde als zogenoemde C-schades: die waren niet door een aardbeving veroorzaakt. De NAM hoefde ze dan niet te betalen. Volgens De Haan had dat niets te maken met de kosten, maar ging het in de meeste gevallen om verzakkingen of een zwakke constructie.

Hij erkent wel dat er „veel dingen” zijn misgegaan bij de schadeafhandeling. „En dat spijt mij ook.” Nu hij terugkijkt vindt hij dat de NAM de schadeafhandeling eerder had moeten uitbesteden. „Het was een taak die misschien te groot was voor de NAM.”

Dit artikel maakt ook deel uit van ons liveblog: NAM-manager: schadeafhandeling was te groot voor ons