Analyse

Massaal boerenprotest zet coalitiepartijen onder hoogspanning

Stikstof De boerenprotesten zetten de politieke verhoudingen op scherp, ook in de coalitie. Een crisissfeer is er voorafgaand aan het grote stikstofdebat donderdag niet. Voor de uitwerking van de plannen is nog tijd.

Sommige Tweede Kamerleden voelden zich wel welkom bij de boerenprotesten woensdag in Stroe. V.l.n.r.: Gideon van Meijeren (FVD), Edgar Mulder (PVV), Wybren van Haga (Groep van Haga), Joost Eerdmans (JA21), Caroline van der Plas (BBB) en Roelof Bisschop (SGP).
Sommige Tweede Kamerleden voelden zich wel welkom bij de boerenprotesten woensdag in Stroe. V.l.n.r.: Gideon van Meijeren (FVD), Edgar Mulder (PVV), Wybren van Haga (Groep van Haga), Joost Eerdmans (JA21), Caroline van der Plas (BBB) en Roelof Bisschop (SGP). Foto Sem van der Wal / ANP

„Het platteland keert Den Haag de rug toe!”, was de strijdbare leus van de actiedag die tienduizenden boze boeren woensdag op de Veluwe hielden. ChristenUnie-leider Gert-Jan Segers merkt dezer dagen „hoe groot de afstand is tussen Stroe en Den Haag”, zo twitterde hij tijdens het protest – doelend op de psychologische kloof tussen de verzamelde boze boeren in het Gelderse dorp en de beleidsmakers op het Binnenhof.

De boeren wijzen de kabinetsplannen om de stikstofuitstoot omlaag te brengen resoluut af. Veel Tweede Kamerleden wilden woensdag naar Stroe reizen om de boeren aan te horen en in gesprek te blijven, voorafgaand aan het grote stikstofdebat deze donderdag.

Zelfs dat goede gesprek blijkt niet meer mogelijk. Ja, ‘boervriendelijke’ politici als Caroline van der Plas (BBB) en Geert Wilders (PVV) konden op de Veluwe probleemloos met boeren op de foto en koeien aaien. Maar Tweede Kamerleden van in elk geval de regeringspartijen kregen dinsdagavond van de terrorismecoördinator NCTV te horen dat zij beter niet naar Stroe konden reizen, omdat hun veiligheid in Stroe niet kon worden gegarandeerd. Thom van Campen (VVD) noemde dat „heel erg”, D66’er Tjeerd de Groot sprak van „een zwarte dag voor de democratie”.

Het NCTV-advies leidde tot onderlinge ergernis in de coalitie. Tweede Kamerlid Derk Boswijk (CDA) ging toch, en liet weten dat hem voor hem „geen optie was niet te gaan” en dat hij „pittige gesprekken” had gevoerd. Vlak daarvoor had VVD’er Van Campen zich in de Kamer beklaagd over de solistische actie van Boswijk. Van Campen had het „elegant, collegiaal en charmant gevonden” als alle 150 Kamerleden „één lijn zouden trekken”.

Spanningen

De frictie over de gang van zaken rond het protest komt bovenop de politieke spanning die Rutte IV sinds anderhalve week in de greep houdt.

Een dag nadat minister Christianne van der Wal (Natuur en Stikstof, VVD) op 10 juni haar plannen wereldkundig had gemaakt, gaf een meerderheid van haar eigen partij op het VVD-congres de opdracht de plannen aan te passen.

Ook binnen het CDA brak onrust uit: tientallen afdelingen in onder meer Limburg en Overijssel keerden zich openlijk tegen het kabinetsbeleid, omdat in hun ogen de agrarische sector „om zeep wordt geholpen”, waarop ook fractievoorzitter Pieter Heerma vond dat opnieuw naar de plannen moest worden gekeken.

Het is vooral de landbouwsector, als grote producent van ammoniak, die een bijdrage aan de stikstofreductie moet leveren. Het betekent, zei minister Van der Wal bij de toelichting op haar plannen, een inkrimping van de veestapel met 30 procent. Ze presenteerde – op een veelbesproken kaart – harde doelstellingen voor versnelde stikstofvermindering per regio. Het is aan de provincies om daar concrete maatregelen voor te bedenken.

Ontwrichting

Maar door die omstreden kaart is het land onder hoogspanning komen te staan. De weerstand tegen het stikstofbeleid is bij een grote groep boeren en hun sympatisanten zo groot, dat ChristenUnie-leider Gert-Jan Segers zegt te vrezen voor maatschappelijke ontwrichting. „Dat kan echt, misschien nog net op een beschaafde manier, maar toch een vorm van een burgeroorlog worden”, waarschuwde hij maandagavond op Radio 1.

De voorman van actiegroep Farmers Defense Force kondigde zaterdag harde acties aan waaronder het „platleggen” van de voedselvoorziening en het vaker opzoeken van verantwoordelijke bewindslieden.

Dit soort grote woorden zetten zware druk op de politieke besluitvorming. Het helpt daarbij niet dat drie van de vier coalitiepartijen in de Tweede Kamer evenzeer kritisch zijn over het ingezette kabinetsbeleid.

Heikel punt is daarbij vooral een kleurrijk kaartje van Nederland waarin adviesorgaan RIVM op verzoek van minister Van der Wal op detailniveau heeft ingetekend wat de stikstofdoelen per regio zijn. In sommige regio’s met veel intensieve veehouderij, zoals Noord-Brabant en Gelderland, moet de uitstoot tot wel 70 procent omlaag.

VVD, CDA en de ChristenUnie vinden dat in Van der Wals brief te veel nadruk ligt op alleen de landbouw en vinden zij het ongelukkig dat de doelstellingen voor andere sectoren, zoals luchtvaart en transport, pas na de zomer gepresenteerd worden. Volgens Van der Wals plan moet de landbouw 40 procent van de stikstofreductie op zich nemen. CDA’er Boswijk hamert steeds op „een gelijkwaardige bijdrage” van alle sectoren, VVD’er Van Campen benadrukt het belang van onderlinge samenhang. „Als in een gebied een melkveehouder kan blijven zitten omdat een papierfabriek moet worden gesloten, dan is dat winst.”

‘Pruttelende provincies’

Volgens regeringspartij D66 heeft een andere verdeling tussen sectoren weinig effect. Fractievoorzitter Jan Paternotte: „Zouden we heel Schiphol moeten sluiten om drie boerderijen te redden?” Bovendien, zegt hij: „De landbouw is gewoon verantwoordelijk voor de meeste uitstoot.”

Paternotte zorgde zaterdag voor irritatie bij zijn coalitiegenoten toen hij in zijn toespraak op het D66-congres lokaal verzet tegen het stikstofbeleid kwalificeerde als „pruttelende provincies”.

Lees ook: Hoe staat de natuur ervoor? Vragen en antwoorden over het Nederlandse stikstofprobleem

Voldoende tijd

Ondanks de scherpe tegenstellingen ziet geen van de regeringspartijen dat het debat van donderdag meteen tot een kabinetscrisis zal leiden. Er is immers nog voldoende tijd, klinkt het bij fractieleiders, om het stikstofbeleid uit te stippelen waarbij provincies ruimte voor maatwerk zullen krijgen en de eerder gepresenteerde hoge reductiedoelen „niet in beton gebeiteld blijven”, zoals Segers „de perceptie” van de omstreden kleurenkaart kwalificeerde. Minister Van der Wal kwam woensdagavond met een alternatieve doorrekening, met al iets minder uiteenlopende percentages – maar geen nieuwe kaar waar de Kamer om had gevraagd.

De coalitiefracties zijn het over een ding wél eens: het uiteindelijke doel van de noodzakelijke stikstofreductie van 50 procent in 2030. Voor de stabiliteit van het kabinet zou het helpen als CDA, VVD en/of ChristenUnie dáár niet onder toenemende druk van protesterende boeren op enig moment aan gaan morrelen.