Angstig kind toch naar de peuterspeelzaal?

Opgevoed Elke week legt Annemiek Leclaire een lezersvraag voor aan deskundigen.

Illustratie Martien ter Veen

Moeder: „Mijn man en ik hebben twee dochters, van drie en één. Tot de geboorte van de jongste werkte ik drie dagen en was de oudste thuis met vader of oma’s. Daarna was ik thuis met de kinderen, in coronatijd fijn voor alle partijen. Net voor haar derde verjaardag brachten we onze oudste naar de peuterspeelzaal. We dachten dat het leuk zou zijn voor haar om met andere kinderen te spelen en wilden haar zo voorbereiden op de basisschool. Een maand ging alles goed. Tot een van de leidsters mij aansprak en zei dat mijn dochter erg had gehuild en om mama gevraagd had. Die kon niet vertellen wat er was gebeurd. Daarna wilde ze niet meer. Als ze ’s middags naar de peuterspeelzaal moest, was ze ’s ochtends al niet meer zichzelf en bij het wegbrengen in tranen (en ik ook bijna). We hebben besloten haar voorlopig thuis te houden, en betwijfelen of we het op een later moment zullen proberen. Hoe erg is het als een kind nooit naar een kinderdagverblijf of peuterspeelzaal is geweest voordat hij/zij naar school gaat? En in hoeverre moet je je kind beschermen? Termen als ‘curlingmoeder’ vliegen je tegenwoordig om de oren.”

Naam is bij de redactie bekend. (Deze rubriek is anoniem, omdat moeilijkheden in de opvoeding gevoelig liggen.) Wilt u een dilemma in de opvoeding voorleggen? Stuur uw vraag naar opgevoed@nrc.nl

Kleine stapjes

Leonie Vreeke: „In deze vraag is het kindje in eerst instantie zonder problemen naar de speelzaal gegaan en zijn er pas na een maand problemen ontstaan, dat is niet gebruikelijk. Het blijft onduidelijk wat er precies gebeurd is.

„Mocht er sprake zijn van angst, dan weten we dat het niet raadzaam is om dingen die ze spannend vindt te vermijden. Vermijding zorgt er op korte termijn voor dat het kind niet overstuur raakt, maar op lange termijn leert het niet dat ze met die spannende gebeurtenis kan omgaan. Om de ontwikkeling van angsten bij kinderen in goede banen te leiden, is het belangrijk de moeilijke situatie toch aan te gaan, zeker omdat uw kind over twee jaar hele dagen op school moet doorbrengen.

„Is het mogelijk met kleine stapjes samen te oefenen? Dat u even meegaat en pas vertrekt als ze op haar gemak is? Of dat ze niet de hele dag maar een paar uurtjes gaat? Dat u even mag bellen hoe het gaat als u bent vertrokken?

„Als ze echt niet naar de peuterspeelzaal wil, kunt u ook op andere manieren met haar oefenen met meerdere kinderen in onbekende omgevingen. Bijvoorbeeld door een voorleesmiddag in de bibliotheek.”

Geleidelijke kennismaking

Louis Tavecchio: „Het is opmerkelijk dat uw kind daar eerst naar binnen stapt alsof er niks aan de hand is en na een maand niet meer wil. Dat doet vermoeden dat er iets is gebeurd. Is er een kind dat de baas speelt, was er ineens een nieuwe medewerker? Dat mag u met de pedagogisch medewerkers best indringend bespreken.

„Een crèche of peuterspeelzaal heeft een mooie brugfunctie tussen het kleine gezin en de grote kleuterklas. Niet alleen omdat de cognitieve vaardigheden vast worden aangesproken, maar vooral vanwege de sociaal-emotionele aspecten. Maar dat kan ook op andere manieren, zoals op kinderfeestjes of door aan de zandbak of in een speeltuin te gaan zitten, en haar daar met meerdere kinderen te laten spelen. Hoe vindt ze daar aansluiting? Waar het om gaat, is dat u haar niet tegen u aan geklampt houdt, zodat ze door geleidelijke kennismaking met nieuwe gebeurtenissen haar weerstandsvermogen leert vergroten.”

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.