‘Wij Libanezen moeten het heft in eigen hand nemen’

Verkiezingen Libanon Bij de verkiezingen van zondag neemt de Libanese oppositie het op tegen de politieke klasse en een sektarisch kiesstelsel. „Opgeven is geen optie.”

Verkiezingsposters in de straten van Beiroet.
Verkiezingsposters in de straten van Beiroet. Foto Wael Hamzeh/EPA

Voor Paul Naggear, een 38-jarige architect, is de uitkomst van de Libanese verkiezingen deze zondag heel persoonlijk. Het gaat om gerechtigheid voor zijn dochtertje Alexandra. Zij was drie toen zij omkwam bij de reusachtige explosie in de haven van Beiroet in de zomer van 2020. „Dit regime heeft er de voorbije twee jaar alles aan gedaan om gerechtigheid voor onze dochter te belemmeren”, zegt Naggear aan de telefoon. „Dit regime moet verwijderd worden, en deze verkiezingen zijn het enige middel dat wij hebben.”

De Libanese politieke klasse wordt gekenmerkt door een totale onaantastbaarheid. Niets illustreert dat beter dan het feit dat twee oud-ministers, Ali Hassan Khalil en Ghazi Zeaiter, die in staat van beschuldiging zijn gesteld wegens criminele nalatigheid in de zaak van de explosie, zondag gewoon opnieuw kandidaat zijn.

Lees ook Een jaar na de explosie in Beiroet en de top ontloopt alle schuld

„Of dat pijn doet? Niet eens”, zegt Naggear. „Het is wat je verwacht van die klootzakken. Wat pijn doet, is weten dat je een land deelt met mensen die straks ook nog op hen gaan stemmen.”

De verkiezingen zondag zijn de eerste sinds 2018. Sindsdien heeft Libanon een transformatie ondergaan. De economie is gekrompen met 60 procent. Het bankensysteem is ingestort, waardoor veel mensen hun spaargeld zijn kwijtgeraakt. Het Libanese pond heeft 90 procent van zijn waarde ten opzichte van de dollar verloren.

Als gevolg is de middenklasse bijna geheel weggevaagd: driekwart van de bevolking leeft nu onder de armoededrempel. Zo’n 300.000 Libanezen zijn de voorbije twee jaar geëmigreerd. Daar bovenop kwam de explosie in de haven, die aan meer dan tweehonderd mensen het leven kostte, en grote delen van de stad in puin legde.

En toch hoor je dezer dagen weer veel hoop dat de verkiezingen van zondag eindelijk de verandering zullen brengen waarvoor de Libanezen in 2019 nog massaal op straat kwamen. Afgelopen zondag hadden al drie keer zoveel Libanezen in het buitenland hun stem uitgebracht als in 2018, en de verwachting is dat de diaspora overweldigend voor de oppositie zal hebben gestemd.

„Er is veel energie”, zegt Naggear. „Er is een nieuwe generatie van politici die uit de revolutie van 2019 zijn voortgekomen, en die vastbesloten zijn om het gevecht aan te gaan. Gewoon opgeven is geen optie.”

Eén zo’n nieuw gezicht is Michel Helou. De in Zwitserland geboren Helou kwam in 2015 naar Libanon, het land waar zijn familie vandaan komt, om er de leiding te nemen over de Franstalige krant L’Orient-Le Jour. Begin dit jaar nam hij ontslag om mee te doen aan de verkiezingen op de lijst van het Nationaal Blok, een historische seculiere partij die nieuw leven is ingeblazen.

Het systeem was bedoeld om de lieve vrede te bewaren, maar werkt sektarisme en cliëntelisme in de hand

„Ik hoor veel ontreddering: mensen die alles verloren hebben, die verplicht zijn geweest om te emigreren”, zegt Helou (33) aan de telefoon tussen het campagne voeren door. „Maar ik hoor ook dat de mensen begrepen hebben dat het politieke systeem verantwoordelijk is voor deze crisis, en dat we met de huidige politici niet uit de crisis gaan komen.”

Een Libanese kandidaat kan niet zomaar naar de markt trekken om handen te schudden. Hij of zij moet de kiezers achterna reizen, waar zij zich ook bevinden. Daarom houdt Helou ook ontmoetingen in Parijs, waar veel Libanezen wonen. En hoewel hij kandidaat is in Baabda, een buitenwijk van Beiroet, moet hij ook het hele land doorkruisen.

Sektarisch systeem

Dat laatste heeft te maken met een bijzonderheid van het Libanese kiesstelsel: mensen stemmen niet waar zij wonen, maar waar zij vandaan komen. In de huidige situatie, zegt Helou, „wil dat zeggen dat sommige mensen een maandloon moeten uitgeven om de verplaatsing te maken naar hun stembureau”.

De oppositie moet opboksen tegen een sektarisch systeem waarbij de zetels in het parlement verdeeld worden onder de verschillende religies, op basis van een volkstelling uit 1932. De christenen hebben de helft van de 128 zetels, de rest wordt verdeeld onder soennieten, sjiieten en druzen. Het systeem was ooit bedoeld om de lieve vrede te bewaren, maar heeft in plaats daarvan sektarisme, cliëntelisme en corruptie in de hand gewerkt.

De uitdaging voor de oppositie is dat zij mensen moet overtuigen een systeem de rug toe te keren dat ook een levenslijn is in een land waar de staat bij veel taken in gebreke blijft. De traditionele partijen binden de kiezer aan zich door te helpen met banen of ziekenhuisrekeningen. Soms worden stemmen gewoon gekocht. In de huidige economische situatie is het des te moeilijker om die levenslijn los te laten.

Dé kampioen van het stemmen kopen is deze keer echter afwezig. Oud-premier Saad Hariri, leider van de grootste soennitische partij, heeft begin dit jaar de politiek vaarwel gezegd. Zijn Toekomstpartij heeft opgeroepen om de verkiezingen te boycotten.

Hariri was gefrustreerd geraakt door zijn vruchteloze pogingen om een regering te vormen na de explosie, door zijn eigen tanende populariteit en het feit dat zijn broodheer Saoedi-Arabië hem had laten vallen. Riad was Hariri gaan beschouwen als een slechte investering: onder zijn premierschap was de invloed van Hezbollah, de door aartsvijand Iran gesteunde sjiitische partij en gewapende militie, alleen nog toegenomen.

De Libanese politieke klasse wordt gekenmerkt door een totale onaantastbaarheid. Toch hopen nieuwkomers dat het land na de aankomende verkiezingen een echte oppositie krijgt. Foto Wael Hamzeh

Saoedi-Arabië

Wie met de stemmen van de soennieten aan de haal gaat, is voer voor speculatie. Vroege analyses voorspelden dat Hezbollah (via zijn partners, in de eerste plaats de christelijke partij FPM van president Michel Aoun) er garen bij zou spinnen, en zelfs een twee derde meerderheid zou kunnen behalen.

Dat vooruitzicht heeft Saoedi-Arabië ertoe aangezet zich op de valreep toch opnieuw in Libanon te interesseren. Oud-premier Fouad Siniora zou de favoriet van Riad zijn. Sommige analisten voorspellen dat de Saoedische steun ervoor kan zorgen dat Hezbollah en partners hun huidige meerderheid juist verliezen.

Dit soort speculatie is precies waar de nieuwkomers in de politiek vanaf willen. „De Libanezen moeten de geopolitiek uit hun hoofd zetten,” zegt Paul Naggear, die zelf geen kandidaat is, maar in de raad van beheer zetelt van Kulluna Irada, een ngo die ijvert voor politieke hervorming.

„Altijd maar denken: wat is Saoedi-Arabië aan het bekokstoven, welk spel speelt Iran? Kan Frankrijk niet helpen? Wij Libanezen moeten het heft in eigen handen nemen, anders raken we nooit uit deze situatie.”

Lees ook: Een jaar na de explosie in Beiroet is het iconische Sursock Paleis nog steeds grotendeels verbrijzeld

Het probleem is dat de oppositie erg verdeeld is. Pogingen van Kulluna Irada en anderen om de oppositie te verenigen zijn op niets uitgelopen. In sommige kiesdistricten zijn er maar liefst vijf lijsten die zich op de revolutie van 2019 beroepen.

„Het is waar dat de oppositie geen nationaal merk heeft, maar in elk kiesdistrict is er wel één lijst die bovendrijft”, betoogt Michel Helou. „Stel dat wij allemaal samen vijftien à twintig zetels binnenhalen: dan zijn wij wel in één klap het grootste blok in het parlement. En ook al nemen we niet deel aan de macht, Libanon zal dan voor het eerst een echte oppositie hebben.”

Diana Menhem, directeur van Kulluna Irada, is pragmatischer. „Deze verkiezingen zijn geen game changer”, geeft zij toe. „Wij gaan zetels winnen, maar wellicht niet heel veel. Want de kieswet is gemaakt op maat van de traditionele partijen. En we weten allemaal dat Libanon geen parlementaire democratie is. Het is een ‘powersharing agreement’ dat beschermd wordt door Hezbollah.”

„Tegelijkertijd is het politieke establishment nooit zwakker geweest dan nu. Zij hebben steeds minder geld om de mensen aan zich te binden. Dit is zeker: we zullen voor het eerst een non-sektarisch blok hebben in het Libanees parlement, hoe klein ook, en wij gaan daar nooit meer weg. Het is één extra stap op de lange weg naar echte politieke hervorming.”