Kabinet verscherpt integriteitsbeleid en lobbyregels voor oud-bewindslieden

Ministers Deze zomer verruilde demissionair minister Van Nieuwenhuizen haar post voor het voorzitterschap van een lobbyorganisatie. De Kamer eiste daarop scherpere integriteitsregels.
Het kantoor van het ministerie van Buitenlandse Zaken begin 2020.
Het kantoor van het ministerie van Buitenlandse Zaken begin 2020. Foto Peter Hilz

Het kabinet heeft nieuwe integriteitsregels voor oud-bewindslieden opgesteld. Het pakket, waarin ook de huidige lobbyregels worden verscherpt, moet duidelijk maken welke banen ministers en staatssecretarissen kunnen aannemen na hun laatste termijn. Dat schrijft demissionair minister van Binnenlandse Zaken Kajsa Ollongren (D66) maandag in een brief aan de Tweede Kamer. Afgelopen zomer ontstond discussie over de integriteits- en lobbyregels voor bewindslieden nadat demissionair minister van Infrastructuur en Waterstaat Cora van Nieuwenhuizen (VVD) haar post had neergelegd om voorzitter van Energie-Nederland te worden, de lobby-organisatie voor de energiesector.

Onder de nieuwe regels komt er een „draaideurverbod” dat vastlegt dat oud-bewindspersonen twee jaar lang niet mogen werken bij het ministerie dat zij vertegenwoordigden. Daarnaast wordt het huidige lobbyverbod uitgebreid. Momenteel mogen ministers en staatssecretarissen twee jaar niet lobbyen bij hun eigen ministerie. Onder de nieuwe regels mag een bewindspersoon dat ook niet bij beleidsterreinen en ministeries waar hij of zij „actieve bemoeienis had tijdens het ambt”.

Lees ook: ‘Het kabinet zoekt de randjes op’

Afkoelperiode

Ook stelt het kabinet een „afkoelperiode” van twee jaar in voor ministers en staatssecretarissen, waarin zij vervolgfuncties moeten voorleggen aan een onafhankelijke commissie. Deze commissie toetst of de vervolgfunctie „past binnen de regels” voor bewindslieden. „Er zijn drie mogelijke uitkomsten van deze toetsing: geen bezwaar, toelaatbaar onder nadere voorwaarden of ontoelaatbaar wegens (een te groot risico op) belangenverstrengeling.”

Het lobbyverbod wordt per direct uitgebreid. Het draaideurverbod en de afkoelperiode worden niet meteen van kracht, deze maatregelen zijn volgens Ollongren „een inperking van de grondwettelijke keuze van arbeid” en vereisen een wetswijziging. De nieuwe regels zijn opgesteld in reactie op de Tweede Kamer, die eerder dit jaar opriep tot aanscherping van de integriteitsregels na de overstap van Van Nieuwenhuizen naar de energiesector in augustus.

Critici stelden destijds dat het ontoelaatbaar was dat de oud-minister zou gaan lobbyen voor een sector waar ze, hoewel ze er niet direct verantwoordelijk voor was, wel mee te maken had gehad als minister. Hoogleraar staatsrecht aan de Universiteit Leiden Wim Voermans stelde dat de overstap toonde dat het kabinet „democratische normen consequent aan de laars lapt”. Volgens Caelesta Braun, hoogleraar Public Governance & Civil Society aan dezelfde universiteit, was de zaak „de meest recente affaire in een recente rij dubieuze kwesties als het gaat om (de schijn van) belangenverstrengeling en lobbypraktijken”.

Lees ook: Drie jaar minister Van Nieuwenhuizen: veel stikstof, weinig resultaat