‘Burger is in de war door het jojo-beleid in de coronacrisis’, zegt de gedragsexpert

Marijn de Bruin gedragsexpert

Om het op termijn vol te houden in de coronacrisis is het van belang dat het beleid niet de hele tijd verandert, zegt Marijn de Bruin van de gedragsunit van het RIVM.

Mensen in de rij voor Paradiso in Amsterdam. „Het helpt als mensen af en toe reminders krijgen. O ja, ik moet afstand houden. O ja, hier moet ik een mondkapje op.”
Mensen in de rij voor Paradiso in Amsterdam. „Het helpt als mensen af en toe reminders krijgen. O ja, ik moet afstand houden. O ja, hier moet ik een mondkapje op.” Foto Ramon van Flymen/ANP

‘DE ENIGE WIJZE” om een lockdown te voorkomen, schreef OMT-voorzitter Jaap van Dissel in kapitalen in zijn jongste advies aan het kabinet, is als iedereen zich weer beter aan de basisregels houdt. Als het gedrag dus beter wordt. Maar als dat zo is, waar zijn dan de gedragswetenschappers in het crisisoverleg op het Catshuis, waar demissionair premier Mark Rutte (VVD) met zijn belangrijkste adviseurs overlegt?

Marijn de Bruin, lid van het kernteam van de gedragsunit van het RIVM, zegt desgevraagd dat hij nooit is uitgenodigd in het Catshuis. Formeel geeft zijn unit ook geen ‘adviezen’, maar ‘reflecties’. „Dat is een beetje spelen met woorden, maar wij hebben een andere positie. Vanaf het begin van de crisis zit de gedragsunit niet in de formele crisisstructuur.”

De kritiek hierop groeit, want juist de invloed van gedrag blijkt in de coronacrisis steeds zwaar te worden onderschat. Of het nou gaat om de ‘disco-piek’ - toen mensen losgingen na de oproep van minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid, CDA) om te ‘dansen met Janssen’ - of het besluit in september om de anderhalve meter los te laten of, eerder in de zomer, om de mondkapjes weer op te bergen. Telkens weer blijkt dat de geweldige ‘winst’ die behaald wordt met een hoge vaccinatiegraad deels of geheel ongedaan kan worden gemaakt door al te ontspannen gedrag in het dagelijkse leven, zowel door ongevaccineerden als door gevaccineerden.

Lees ook: de preken van Rutte en De Jonge werken niet meer, wat nu?

Inmiddels liggen er ruim 2.500 mensen in het ziekenhuis, grofweg evenveel als in april, toen een strenge lockdown met avondklok gold. Het kabinet probeerde de snelle stijging van de afgelopen weken al een paar keer te stoppen door mensen op te roepen zich beter te gedragen: eerst kwam er een scherper thuiswerkadvies, de anderhalve meter werd weer verplicht. Afgelopen week riepen Rutte en De Jonge op: houd je alsjeblieft aan de regels. Veel effect had het niet: De Jonge ziet zich door de almaar stijgende cijfers genoodzaakt eerder in te grijpen. Vrijdag komt er een persconferentie met nieuwe maatregelen, kondigde hij woensdag aan.

Reint Jan Renes, gedragswetenschapper aan de Hogeschool van Amsterdam, riep onlangs op tv: „Hoe komt het nou toch dat we al die kennis van de gedragsunit niet gebruiken?” Renes nam in maart 2020, aan het begin van de coronacrisis, samen met De Bruin het initiatief om bij het RIVM een ‘gedragsunit’ op te richten. Renes is geen lid meer van de gedragsunit en kan vrijer praten. Marijn de Bruin is minder uitgesproken: in het openbaar kritiek leveren, vindt hij, past niet bij zijn functie, kritiek leveren doe je intern. „Er zijn ook zoveel mensen die in Den Haag aankloppen met hun advies, en soms hoor je inderdaad meer van je input terug dan andere keren.”

Maar De Bruin benadrukt liever het positieve: „We doen samen met alle GGD’s onderzoek, we krijgen vragen vanuit gemeenten, ministeries, maar ook de NCTV. We delen resultaten en inzichten. Dat bestond aan het begin allemaal niet.” In de gedragsunit zijn tussen de zestig en zeventig wetenschappers actief, vaak in deeltijd. Ook is er een adviesraad van vijftien hoogleraren die zoveel mogelijk doelgroepen vertegenwoordigen: jongeren, ouderen, mensen met een migratieachtergrond.

Kantelpunt

Marijn de Bruin bespeurt een „kantelpunt” als het gaat om de belangstelling in zijn specialisme: „Alleen al als je puur en alleen kijkt naar hoe vaak het woord gedrag valt.”

Hij heeft ook het gevoel dat er beter wordt geluisterd. „Bij een van zijn laatste persconferenties hoorde je premier Rutte ook vaak spreken over dilemma’s. Je kon veel verbindende taal horen. Taalgebruik dat ‘inclusief’ is. Dat zijn dingen die wij ook hebben geadviseerd.” Als je de bevolking wil motiveren voor nieuwe coronamaatregelen, zegt De Bruin, moet je in de eerste plaats duidelijk en eerlijk communiceren, over wat je van plan bent, wat de dilemma’s zijn en waarom bepaalde keuzes in het belang zijn van ons allemaal.

Toch is het moeilijk om in de kalme, feitelijke analyse die De Bruin maakt niet ook forse kritiek te lezen. Want als een essentiële stap opeens alsnog genomen wordt, betekent dat ook dat het heel lang niet of te weinig is gebeurd. Neem de anderhalvemeterregel. „Toch het symbool van alle coronaregels”, stelt De Bruin. Die werd in september afgeschaft, een paar dagen daarvoor had de gedragsunit dat nog ontraden. „Uit voorgaand onderzoek weten we dat als je veel versoepelt het ook drukker wordt op bepaalde plekken. En als het houden van afstand moeilijker wordt, dan gaan mensen denken: hé, niemand houdt meer afstand. Dan krijg je dus normvervaging.”

En eigenlijk werd die anderhalve meter helemaal niet afgeschaft: de verplichting werd er weliswaar afgehaald, waardoor je geen boete meer kon krijgen als je op straat te weinig afstand hield, maar het bleef bestaan als ‘dringend advies’. Veel mensen weten dat niet eens. Het werd bovendien niet gemakkelijk gemaakt je toch aan de regels te houden: de stickers en strepen die helpen om afstand te houden verdwenen afgelopen zomer uit het straatbeeld. Terwijl ze, zo stelt De Bruin, voor goed gedrag belangrijk zijn. „Het helpt als mensen af en toe reminders krijgen. O ja, ik moet hier afstand houden. O ja, hier moet ik een mondkapje op. Wat ook helpt is als je de omgeving zo inricht dat het gewenste gedrag ook het automatische gedrag wordt. Bijvoorbeeld eenrichtingsverkeer, zodat mensen niet de hele tijd langs elkaar lopen.”

Gemopper

Binnen twee maanden werd de verplichting om anderhalve meter afstand te houden bovendien weer ingevoerd – sinds woensdag geldt die weer. Een beleid dat almaar verandert, leidt niet alleen tot gemopper, maar ook tot verwarring, zegt De Bruin. „Deze zomer is er steeds meer versoepeld, dus er waren eigenlijk steeds minder maatregelen. Je zou verwachten dat het dan duidelijker wordt voor mensen, maar dat is niet zo, blijkt ook uit onze onderzoeken.”

Lees ook: Kabinet staat voor cruciale coronabesluiten als cijfers niet dalen

Wat de gedragsunit betreft is het beter maatregelen niet te snel af te schaffen, omdat weer invoeren veel vervelender is. „Soms is het beter om wat langer voorzichtiger te blijven of zelfs té voorzichtig, omdat je jojo-effecten wil voorkomen. Als je steeds iets moet terugdraaien is de kans groot dat het draagvlak een knauw krijgt.” In augustus stond nog 75 procent van de panelleden die de gedragsunit regelmatig bevraagt achter de afstandsregel, half oktober nog maar 55 procent.

Om jojo-effecten te voorkomen kun je beter wat langer voorzichtig blijven of zelfs té voorzichtig

Dat is niet onomkeerbaar, stelt De Bruin. „Je hoort weleens: mensen zijn coronamoe. Dat is ook zo, maar wij zien telkens dat mensen een tandje bijschakelen als dat nodig is. Bij een opleving van het virus zie je het draagvlak vaak weer groeien.” Daar moeten ze dan wel de motivatie voor hebben, benadrukt De Bruin. „Dat kan zijn: elkaar beschermen en jezelf beschermen.” Als de acute noodzaak wegvalt, valt die motivatie om zich aan de basisregels te houden weg.

In januari, bij de start van de vaccinatiecampagne, waarschuwde de gedragsunit hier al voor. „Wij zien in onze data dat de dreiging die mensen persoonlijk ervaren van het virus afneemt na vaccineren. Dat ze zich dan losser gaan gedragen, vooral met naasten en familie, minder afstand houden en minder de drukte mijden. De kans om besmet te raken of zelf iemand te besmetten is natuurlijk ook veel kleiner als je gevaccineerd bent, maar hij is niet weg. Het is duidelijk dat de risicoreductie die ontstaat door vaccinatie weer deels teniet wordt gedaan door minder naleven van regels.”

Heeft het kabinet dit onderschat? Daar wil De Bruin zich niet over uitlaten. Wel zegt hij – „in het algemeen” – dat het belangrijk is om lessen te blijven trekken uit mislukkingen. „Zodat je de volgende keer beter beslagen ten ijs komt.”