Nu bekende heteromannen jurken gaan dragen, is het ineens wél leuk?

Vrouwelijkheid Heteroseksuele mannen die de norm bevechten met een jurk, nagellak en eyeliner, krijgen vaak de kritiek dat ze zich de homocultuur toe-eigenen, merkt . Maar moeten we dat niet juist toejuichen, vraagt hij zich af.

Damiano David, de zanger van de Italiaanse band Måneskin.
Damiano David, de zanger van de Italiaanse band Måneskin. Foto Daniele Venturelli/WireImage, bewerking NRC

Als tiener die niet bepaald macho was, diep in de kast zat en zijn vrouwelijke kanten net zo diep weg probeerde te stoppen, had ik er enkel van kunnen dromen: mannelijke beroemdheden die hun vrouwelijkheid uiten. Ze zijn in 2021 een veelvoorkomend en veelgeprezen fenomeen: het afgelopen jaar stonden zanger Harry Styles in jurk op de cover van Vogue en rapper Kid Cudi op het podium van tv-programma Saturday Night Live. We zagen Damiano David van rockband Måneskin op hakken en met eyeliner, nagellak en oorbellen het Songfestival winnen. Singer-songwriter Conan Gray ontving lof voor zijn videoclip bij het nummer ‘Overdrive’, waarin hij, uitgedost in wat de maatschappij onder ‘vrouwenkleding’ zou verstaan, verliefd met een meisje ronddartelt. Fans prezen hem voor het normaliseren van vrouwelijke jongens in heterorelaties.

Deze artiesten bevechten de norm met make-up en kleding als strijdmiddelen. Ze illustreren dat ons idee van hoe een man zich moet gedragen of kleden, achterhaald is. En natuurlijk staat niet iedereen daar meteen om te springen: „Bring back manly men”, bepleitte schrijfster Candace Owens na Styles’ Vogue-cover. Want „geen enkele maatschappij kan overleven zonder sterke mannen”, schreef ze op Twitter.

Die weerstand aan conservatieve kant mag nauwelijks een verrassing heten. Verrassend is vooral dat ook niet alle progressieve mensen er blij mee zijn. Harry Styles en anderen zouden inspelen op de lhbtq+-gemeenschap voor publiciteitsdoeleinden, klinkt het vanuit die hoek. Na Kid Cudi’s Saturday Night Live-optreden wezen critici erop dat hij geprezen werd voor iets waarvoor transgender personen en homomannen worden uitgescholden of belaagd op straat. In de gemeenschap gaan daarom geluiden op om heteroseksuele artiesten zoals Kid Cudi niet toe te juichen, zolang die discrepantie nog bestaat. Zelfs al zijn hun intenties goed, is daarbij het argument: ze geven te weinig eer aan de lhbtq+’ers die de weg voor hen plaveiden om zich zo te kunnen presenteren.

Die geluiden zijn ook in Nederland te horen. Nadat presentator Tim Hofman op de cover van Esquire werd gepresenteerd als de man die masculiniteit herdefinieert, schreef een kennis op sociale media: „Want een cis man [een man die zich identificeert met zijn geboortegeslacht] met af en toe een bloemetje in zijn haar, is natuurlijk de meest aangewezen persoon [daarvoor]… Waarom worden witte cis mannen die twee nagels lakken daarvoor op een fucking podium gezet, terwijl trans mannen nog steeds iedere dag bevraagd worden over hun mannelijkheid en identiteit?” En toen rapper Donnie in jurk en make-up in een videoclip verscheen, schreef een ander: „Leuk en mooi dat Donnie dit doet, maar ergens ook jammer dat heteromannen de hemel in worden geprezen als ze dit doen. De meeste queer mensen worden volgegooid met haat als ze dit posten.”

Zulke haat komt ook uit de eigen gemeenschap. Tekenend is het bijvoorbeeld dat gebruikers van datingapps als Grindr regelmatig met hashtags #Masc4masc en #NoFemmes aangeven dat zij niets van feminiene mannen moeten hebben. Er zijn zelfs homo’s die stellen dat gays die zich vrouwelijk gedragen, homofobie uitlokken. En ja, dan is het logisch dat het steekt als rappers in jurk worden toegejuicht, terwijl jij wordt verguisd wanneer je er een aantrekt.

Ik kan me talloze momenten uit mijn jeugd herinneren waarop me werd verteld ‘niet zo verwijfd’ te doen

Opmerkelijk is dat Harry Styles zichzelf niet eens als uitsluitend heteroseksueel identificeert, maar als seksueel fluïde. En toch krijgt ook hij uit progressieve hoek kritiek. Waarmee dus eigenlijk gezegd wordt: Styles valt niet uitslúítend op mannen, dus zijn feminiene kanten kunnen onmogelijk authentiek zijn. Daarmee wordt geïnsinueerd dat elke niet-homoseksuele man die zijn vrouwelijkheid toont dat doet voor aandacht (hij kan immers niet vrouwelijk zíjn) en leentjebuur speelt bij de gays (want die zijn wél vrouwelijk). En daarmee wordt onbedoeld teruggegrepen op het paradigma ‘mannelijke mannen zijn hetero, vrouwelijke mannen zijn gay’.

Cabaretier Marc-Marie Huijbregts onderschreef dat toen hij afgelopen juli stelde dat Tim Hofman zich met zijn kledingstijl de homocultuur toe-eigent. „Ik snap het punt”, reageerde Hofman destijds. „Ik vind kleding linken aan geaardheid alleen niet the way to go – evengoed als kleding linken aan gender.”

Ik vraag me daarom ook af of stoppen met juichen voor heteromannen in vrouwenkleding wel de oplossing is. Bekrachtigen we met zo’n boycot niet juist het idee dat jurken en make-up voorbehouden zijn aan vrouwen en homo’s? En dat heteroseksuele mannen zich zo masculien mogelijk moeten gedragen? Wie biedt er dan een tegengeluid aan het ‘bring back manly men’-kamp? Bovendien komen fans van rappers als Donnie en Kid Cudi op deze manier in aanraking met iets wat ze niet vaak zien, en wennen zo misschien aan dat beeld. Is dat niet vooral winst te noemen?

Harry Styles
Foto Samuel Bradley
Vogue, december 2020
Over Harry Styles wordt dus eigenlijk gezegd: hij valt niet uitslúítend op mannen, dus zijn feminiene kanten kunnen onmogelijk authentiek zijn.

Zelf voel ik me door deze beroemdheden meer dan eens gesterkt in mijn esthetische keuzes. Bijvoorbeeld toen de band Måneskin het Songfestival won. Ik lak regelmatig mijn nagels, maar laat dat weleens achterwege als ik ergens naartoe ga waar ik me onveilig denk te zullen voelen. Na het Songfestival dacht ik: die nagellak laat ik zitten, wie kijkt daar nou nog van op? Måneskin en in het bijzonder zanger Damiano David waren in die week overal, in alle media, te zien. En als die zichtbaarheid niet alleen in de schijnwerpers maar ook op straat toeneemt, kan de kloof tussen lof en discriminatie ooit dichtgroeien.

Doordat ik sinds een paar jaar probeer mijn vrouwelijke kanten niet langer weg te stoppen, weet ik dat zoiets een proces is. Veel mannen worden ‘vrouwelijke’ eigenschappen van kinds af aan afgeleerd. Dat zit ’m al in opmerkingen als ‘grote jongens huilen niet’. Ik kan me talloze momenten uit mijn jeugd herinneren waarop me werd verteld ‘niet zo verwijfd’ te doen. Waarin ‘je bent toch geen homo?’ de standaarduitdrukking was om minder stoere jongetjes aan te moedigen. Niet gek dat je vooroordelen ontwikkelt richting mannen die niet aan typisch masculiene eigenschappen voldoen - ook wanneer je zelf een van hen bent.

Onderzoek van de American Psychological Association wijst uit dat mannen, door zich zo in het keurslijf van de masculiene ideologie te persen, te maken kunnen krijgen met mentale klachten. Doordat zij van zichzelf verwachten dat ze zelfredzaam zijn, is de kans bovendien kleiner dat ze psychologische hulp zoeken of hun emoties toelaten, waar hun geestelijke gezondheid verder onder lijdt. Een onderzoek in Harvard Business Review toonde in 2017 dat mannen die zich op werk niet conformeren aan gendernormatieve kledingnormen stuiten op minachtende of haatdragende opmerkingen. Wanneer zij zich schikken naar de norm, leidt dat er volgens de onderzoekers toe dat ze zich minder authentiek voelen. En dat zorgt er weer voor dat de bedrijven waar ze voor werken minder profiteren van hun unieke manier van denken, dan wanneer zij zichzelf zijn.

Lees ook: Hoe giftige mannelijkheid de gayscene verdeelt

Volgens activist en socioloog Jeffrey Weeks, gespecialiseerd in seksualiteit, wordt de gewenste masculiniteit bereikt door alles wat als vrouwelijk of homoseksueel gezien kan worden, te verwerpen. Die aandrang zit diep ingebakken: zie de eerdergenoemde rancune richting feminiene mannen onder homo’s. Politicoloog David S. Gutterman stelt in de wetenschapsbundel Theorizing Masculinities dat heteroseksuele mannen bij uitstek in een machtspositie zitten, die ze kunnen gebruiken om die normatieve masculiniteit te doorbreken. Zij kunnen dat makkelijker bewerkstelligen dan homoseksuele mannen en vrouwen, die vaak worden gezien als ‘de ander’. Dat pleit voor het belang van heteroseksuele artiesten die hun vrouwelijke kanten tonen.

Een enkeling zal denken: dragen homoseksuele artiesten die eenzelfde femininiteit etaleren niet óók bij aan de instandhouding van de associatie van ‘gay’ met vrouwelijk? Het belangrijkste lijkt mij juist dat we überhaupt niet in hokjes denken. Sommige homoseksuele mannen zijn vrouwelijk, sommige niet-homoseksuele mannen ook, sommigen voelen zich de ene dag vrouwelijker dan de andere. Iedereen mag die kanten uiten als en wanneer zij dat willen. Maar dan moet ook iedereen gelijk behandeld worden.

Cisgender heteroseksuele mannen als rappers Donnie en Kid Cudi voldoen aan de maatschappelijke norm als ze hun jurk weer uittrekken. Talloze anderen niet. Het applaus zou ook voor hen moeten klinken. Daarom sluit ik me aan bij het standpunt van schrijver en activist Alok Vaid-Menon. Die wees er na Styles’ Vogue-cover op dat trans personen van kleur dagelijks doen wat Styles doet en geen lof ontvangen, maar stelde tegelijkertijd dat dat geen reden is om de cover niet toe te juichen. „Ik wil een wereld waarin alle mensen, van elk gender, kunnen aantrekken wat ze willen. [Styles] draagt dat uit en biedt anderen de mogelijkheid hetzelfde te doen.”

Ik verkies, in Vaid-Menons woorden, „overvloed boven schaarste”. Niet elke toeschouwer juicht, maar het podium is in ieder geval niet leeg.