Recensie

Recensie

Rocken en fluisteren in veelzijdige popsongs

Subtiliteit is niet de eerste eigenschap die in gedachten springt bij het Amsterdamse garagerockfenomeen Claw Boys Claw. Debuutalbum Shocking Shades (1984) werd in één middag opgenomen en geldt nog steeds als een van de ruigste rockplaten ooit in Nederland gemaakt. Zanger Peter te Bos is een wildeman op het podium, die niet rust voordat de zaal op zijn kop staat.

Op het twaalfde album Kite laat Claw Boys Claw zich van zijn meest veelzijdige kant kant zien. Gitarist John Cameron doseert zijn magische fuzztonen zuinig en excelleert in fantasievol akkoordenwerk. ‘Nightmare’ en ‘Old Man Bones’ rocken als vanouds. Daarnaast zingt Te Bos op zijn Nick Cave-best in ‘No One Can See Me’ en fluistert hij mysterieus in de orgelballade ‘Hypno’. Met zestien nummers en een uur muziek is Kite aan de lange kant. Fijn voor de fans maar niet zo goed voor de coherentie van het album, dat op de valreep met ‘Raw Candy’ nog een van zijn beste popsongs prijsgeeft.