Recensie

Recensie Beeldende kunst

Nieuw boek geeft akelige details over Vincents einde

Van Gogh’s Finale Vincent van Gogh-specialist Martin Bailey schreef een boek over de laatste zeventig dagen van de kunstenaar. Een studie met morbide trekjes.

De gecorrodeerde Lefaucheux-revolver waarmee Van Gogh zich mogelijk dodelijk heeft verwond, in de linkerhand van kunstjournalist Martin Bailey, de auteur van ‘Van Gogh’s Finale’.
De gecorrodeerde Lefaucheux-revolver waarmee Van Gogh zich mogelijk dodelijk heeft verwond, in de linkerhand van kunstjournalist Martin Bailey, de auteur van ‘Van Gogh’s Finale’. Foto uit besproken boek

Vincent van Gogh had een opvallend grote schedel. Die conclusie trok dokter Paul Gachet toen hij op 9 juni 1905 op de begraafplaats van Auvers-sur-Oise met het doodshoofd van de kunstenaar in handen stond. De arts en amateur-frenoloog was vijftien jaar eerder bevriend geraakt met Van Gogh. Die was op aanraden van zijn broer Theo naar Auvers gereisd, juist vanwege de dokter. Gachet, een groot kunstliefhebber, zou Van Goghs fragiele mentale gezondheid in de gaten kunnen houden. Dat leek nodig, want de kunstenaar had net een jaar doorgebracht in een inrichting in Zuid-Frankrijk.

In Auvers, een kunstenaarsdorp ten noorden van Parijs, ging het opnieuw mis: na zeventig razend productieve dagen overleed Van Gogh in zijn pension, twee dagen nadat hij zich met een revolver in de borst had geschoten.

Op die zomerdag vijftien jaar later zouden de stoffelijk resten van Van Gogh op de begraafplaats van Auvers worden herbegraven. Dokter Gachet woonde de opgraving bij in gezelschap van zijn zoon Paul junior en Jo Bonger, de schoonzuster van de kunstenaar.

In zijn eerder deze maand verschenen boek Van Gogh’s Finale. Auvers and the Artist’s Rise to Fame doet Martin Bailey uitgebreid en akelig gedetailleerd verslag van de opgraving. De Britse Van Gogh-specialist baseert zich daarbij op overgeleverde aantekeningen van Gachet junior.

De wortels van een conifeer waren vijftien jaar later om Van Goghs borstkas gegroeid

Een grafdelver legde de bijna vergane kist van Van Gogh bloot. De wortels van een op het graf geplaatste levensboom, een coniferensoort, waren na anderhalve decennia om de borstkas van Van Gogh gegroeid en „penetreerden daarbij de holtes tussen de ribben”. Toen de schedel was opgedolven bestudeerde de dokter de jukbeenderen en de boog ter hoogte van de wenkbrauwen. Nadat hij zich hardop had verbaasd over de grootte ervan, overhandigde hij de schedel aan zijn zoon. Die legde hem voorzichtig aan het hoofdeind van een gereedstaande nieuwe kist. Gachet junior: „Onbewust speelden we de scène na van de grafdelvers uit Hamlet.”

Bailey speculeert vervolgens over de vraag of de door Van Gogh afgevuurde kogel bij de opgraving is teruggevonden. Zijn theorie is dat dokter Gachet, een voormalig militair chirurg, de kogel vijftien jaar eerder al heeft verwijderd, vlak voor de begrafenis. Daarna weidt Bailey nog uit over de levensboom op Van Goghs oorspronkelijk graf. Hij lijkt hem aannemelijk dat die conform de plaatselijke traditie is herplant, en inmiddels is uitgegroeid tot de grote, goed gedijende boom bij de vroegere dorpswoning van Gachet.

De houtskoolschets van de overleden Vincent van Gogh die dokter Gachet op 29 juli 1890 maakte voor diens broer Theo. Gachet tekende onder het pseudoniem Paul van Ryssel. Foto uit besproken boek

Onvermoeibaar

Martin Bailey is een onvermoeibare Van Gogh-specialist. Van Gogh’s Finale is zijn vierde boek over de Brabantse kunstenaar, en als correspondent van The Art Newspaper houdt hij het blog ‘Adventures with Van Gogh’ bij, met vrijwel wekelijks nieuwtjes.

Van Gogh’s Finale is in drie delen opgebouwd. Bailey beschrijft de tijd die Van Gogh in Auvers doorbracht en de zeventig schilderijen die hij in evenzoveel dagen maakte. Het tweede deel gaat over Van Goghs dood. Daarin bestrijdt Bailey de theorie van de Amerikaanse biografen Steven Naifeh en Gregory White Smith, die in 2011 poneerden dat Van Gogh niet zelf de trekker had overgehaald, maar dat zijn dood het fatale gevolg was van een uit de hand gelopen pesterij door een paar schooljongens. Een theorie die al weinig opgang meer deed.

Het slotdeel is het meest levendig. Daarin beschrijft Bailey hoe Van Gogh van een kunstenaar die bij leven slechts één schilderij verkocht uitgroeide tot een van de populairste, meest vervalste en duurste schilders ter wereld. Fascinerend daarbij is vooral de beschrijving van Paul Gachet junior, een kluizenaar die de onwaarschijnlijke verzameling van zijn vader erfde: naast 26 schilderijen van Van Gogh vijftig werken van Cézanne en Pisarro, en ook nog doeken van Monet, Renoir en Sisley.

Volgens Bailey sliep de jonge Gachet met een pistool op zijn nachtkastje en leefden hij en zijn zuster van af en toe een kunstverkoop. Dorpsbewoners zagen de dokterszoon soms met een Van Gogh of Cézannen onder de arm naar Parijs vertrekken. Met de metro reisde hij in de stad langs kunsthandels. Zijn mooiste Van Goghs, acht in totaal, waaronder een portret van zijn vader, doneerde Gachet nog bij leven aan de Franse staat. Ze hangen nu in Musée d’Orsay in Parijs.

Dokter Gachet op een portret dat Vincent van Gogh in juni 1890 schilderde. Een tweede versie hiervan, zonder de boeken en met een andere achtergrond, hangt in Musée d’Orsay in Parijs. Foto uit besproken boek

Wereldsterren

Van Gogh hoort tot de weinige sterren waarbij kleine nieuwsfeiten al snel uitgroeien tot ‘breaking news’, inclusief internationale persconferenties en boekpublicaties. Een van de stuwende krachten achter die berichtenstroom is Martin Bailey.

Een boek vol met door hem verzamelde buitenissigheden en soms curieuze hypotheses zal niet besteed zijn aan elke Van Gogh-liefhebber. Daarvoor is Baileys obsessie met de schilder van de zonnebloemen te onbegrensd.

Toen in 2019 op een veiling in Parijs de verroeste negentiende-eeuwse revolver opdook die een boer in Auvers in 1960 vond bij het ploegen van zijn land, reisde Bailey direct naar de kijkdagen. De mogelijke revolver waarmee Van Gogh de hand aan zichzelf wilde slaan! Het moment dat hij het vuurwapen in zijn hand hield noemt hij in de inleiding van zijn boek „mijn meest memorabele moment in mijn verkenning van Vincents laatste dagen”.

En wie gaat mee in Baileys pleidooi voor DNA-onderzoek van de conceptbrief die Van Gogh bij zich had toen hij zichzelf in de borst schoot? In die brief zitten een paar vlekken waarvan de Brit hoopt dat het bloedvlekken zijn die „ons mogelijk meer kunnen vertellen over Van Goghs medische conditie en of er sprake was van een genetische afwijking”.

Baileys morbide belangstelling doet nauwelijks onder voor die van dokter Gachet. Die had thuis een verzameling gipsafgietsels van de hoofden van geguillotineerde moordenaars. Bailey beschrijft de collectie uitgebreid en toont in zijn boek zelfs een van de hoofden.

Van Gogh’s Finale. Auvers and the Artist’s Rise to Fame, door Martin Bailey. Uitg. Frances Lincoln, 240 blz., €36,99